Europa

Uit Wikivoyage
Bestemmingen > Europa
Ga naar: navigatie, zoeken
Brandenburger Tor nachts 2012-07.jpg
Locatie
Europe orthographic Caucasus Urals boundary.svg
Beknopt
Oppervlakte 10.180.000 km2
Bevolking 739.165.030
Taal Duits, Engels, Frans en andere
Tijdzone UTC±0 tot UTC+6
Internet TLD .eu (Europese Unie)
Enkele steden Amsterdam, Brussel, Parijs

Europa heeft een oppervlakte van 10.180.000 km², en strekt zich uit van Azië tot de Atlantische Oceaan en van Afrika tot de Noordelijke IJszee. De Europese landen verwelkomen meer dan 480 miljoen internationale bezoekers per jaar, meer dan de helft van de mondiale reizigersmarkt. Europa is een continent dat reizigers ongelooflijk veel te bieden heeft: een eeuwenoud cultureel erfgoed, prachtige natuurgebieden, een diversiteit aan wereldtalen en wereldwijd verspreide culturen die geen enkel ander werelddeel in die mate kent. De open grenzen en de goede infrastructuur maken reizen door dit gebied ook nog eens eenvoudig en snel. Binnen de kortste keren begeef je je van land naar land. Hoewel Europa qua oppervlakte een van de kleinste werelddelen is, bestaan er boeiende verschillen tussen de culturen van de landen.

Regio's[bewerken]

Europa kan in de volgende regio's, met elk een eigen identiteit, geschiedenis en cultuur, worden ingedeeld:

Moskou Wenen München Praag Frankfurt Boedapest Krakau Bakoe Athene Istanboel Boekarest Belgrado Milaan Rome Lissabon Madrid Barcelona Marseille Amsterdam Kiev Warschau Berlijn Kopenhagen Sint-Petersburg Stockholm Oslo Edinburgh Dublin Londen Parijs Baltische staten Malta Kiev Warschau Krakau Wenen Boedapest Belgrado Boekarest Athene Istanboel Bakoe Rome Milaan München Praag Berlijn Frankfurt Amsterdam Parijs Marseille Barcelona Madrid Lissabon Moskou Sint-Petersburg Stockholm Oslo Kopenhagen Londen Dublin Edinburgh Britse Eilanden Frankrijk en Monaco Benelux Iberisch Schiereiland Italiaans Schiereiland Noord-Afrika Oost Middellandse Zee Midden-Oosten Kaukasus Balkan Oost Europa Scandinavië Centraal-Azië Centraal-Europa
Klik op een regio of stad om op onderzoek te gaan!
Balkan (Albanië, Bosnië-Herzegovina, Bulgarije, Kosovo, Kroatië, Macedonië, Moldavië, Montenegro, Roemenië, Servië)
De Balkan heeft een rijke, zij het onrustige geschiedenis. Daarnaast is er de prachtige natuur, pittoreske dorpen en indrukwekkende kloosters, kastelen en sporen van een eeuwenlange Turkse overheersing. Er zijn uiteenlopende landschappen te vinden, zoals heuvels, bergachtige gebieden en de prachtige Adriatische kust.
Baltische staten (Estland, Letland, Litouwen)
Drie fascinerende landen met prachtige zandstranden, een lange kustlijn, middeleeuwse stadjes en veel natuurgebieden. Estland heeft historische, culturele en taalkundige banden met Finland; in Letland en Litouwen worden oude Indo-Europese talen gesproken. Het hele gebied heeft eeuwenlang onder Russische overheersing gestaan.
Benelux (België, Luxemburg, Nederland)
Deze drie kleine, grotendeels vlakke landen hebben de reiziger veel te bieden. Nederland staat bekend om zijn klompen, kaas, tulpen en windmolens, en om zijn vrijzinnige gedachtegoed en schilders. België is een meertalig land met prachtige historische steden, dat samen met het eveneens meertalige Luxemburg een deel van de Ardennen omvat.
Britse Eilanden (Guernsey, Ierland, Jersey, Man, Verenigd Koninkrijk)
Het Verenigd Koninkrijk omvat Engeland, Schotland, Wales en Noord-Ierland en is een divers land met een fascinerende geschiedenis en een cultuur die invloedrijk is in de hele wereld. Ierland heeft een glooiend landschap met karakteristieke dorpen, tradities en folklore. Guernsey, Jersey en het eiland Man zijn eilanden die direct onder de Britse Kroon vallen; ze zijn klein, afgelegen en richten zich vooral op het toerisme en financiële dienstverlening.
Centraal-Europa (Duitsland, Hongarije, Liechtenstein, Oostenrijk, Polen, Slovenië, Slowakije, Tsjechië, Zwitserland)
Een overgangsgebied tussen oost en west, Centraal-Europa is de regio waar de Germaanse cultuur overgaat in de Slavische cultuur. Er zijn ontelbare historische stadjes, kastelen, meren, rivieren, bossen en bergachtige gebieden te vinden, waaronder de Europese middengebergten. De Alpen vormen de zuidgrens van deze regio.
Frankrijk en Monaco (Frankrijk, Monaco)
Frankrijk is wereldwijd de meest bezochte toeristische bestemming. Parijs, de Côte d'Azur, de Atlantische kust, de Franse Alpen, de Loirevallei, Bretagne, Normandië en de Provence zijn slechts een handgreep aan bekende trekpleisters. Het land staat ook bekend om zijn keuken (inclusief wijn en kaas), geschiedenis, cultuur, architectuur, mode en design.
Iberisch Schiereiland (Andorra, Gibraltar, Portugal, Spanje)
Spanje en Portugal zijn sinds de jaren zestig een ware magneet voor mensen die graag van de zon genieten op het strand, met name aan de Algarve en de Spaanse costa's (de kusten langs de Middellandse Zee). Maar er zijn ook gebieden die minder toeristisch zijn, waaronder het woestijnlandschap in Centraal-Spanje, de wijnbestemming La Rioja en het Groene Spanje in het noorden.
Italiaans Schiereiland (Italië, Malta, San Marino, Vaticaanstad)
Rome, Florence, Venetië en Pisa staan op het lijstje van veel reizigers, maar deze steden zijn slechts een kleine greep uit de mogelijkheden die Italië te bieden heeft. Enkele mooie plattelandsgebieden zijn Toscane en Sicilië. Ook modestad Milaan is een populaire bestemming.
Kaukasus (Armenië, Azerbeidzjan, Georgië)
Een bergachtige regio tussen de Zwarte Zee en de Kaspische Zee die de grens vormt tussen Europa en Azië. De Kaukasus is een warme en vriendelijke regio, maar ook een plaats met veel conflicten. Het biedt zeer diverse landschappen en een rijke cultuur van oude kerken, kathedralen en kloosters, maar ook minaretten en moskeeën. Populaire steden in de (zuidelijke) Kaukasus zijn Tbilisi, Bakoe en Batoemi. Ongerepte natuur tref je in de regio's Svaneti, Kazbegi, Dilijan en Quba.
Oost Middellandse Zee (Cyprus, Griekenland, Turkije)
Griekenland wordt gezien als de bakermat van de Europese culturen. Het heeft honderden eilanden met voor ieder wat wils. Ook Turkije heeft een rijke cultuur en geschiedenis, en is het grootste islamitische land van Europa. Toch delen beide landen een groot deel van hun cultuur; zo liggen de historische Griekse regio's Lycië en Ionië met talrijke ruïnesteden aan de Turkse westkust. Bovendien hebben beide landen de meeste zonuren van Europa, waardoor ze bijna het hele jaar door populaire bestemmingen zijn.
Oost-Europa (Oekraïne, Rusland en Wit-Rusland)
Rusland is een enorm land met grote, lege vlakten dat zich in oostelijke richting uitstrekt tot aan de Pacifische Oceaan. Oekraïne is een divers land dat veel te bieden heeft, van de stranden aan de Zwarte Zee tot de steden Odessa, Lviv en Kiev. Ten noorden van Oekraïne ligt Wit-Rusland, een land als geen ander op het Europese continent. Moldavië behoorde tot 1945 tot Roemenië en sluit er cultureel gezien bij aan; het kan dus ook als Balkanland worden beschouwd. Het van Moldavië afgescheiden, internationaal niet-erkende land Transnistrië en Wit-Rusland zijn de laatste communistische regimes in het Europa van de eenentwintigste eeuw.
Scandinavië (Denemarken, Finland, Noorwegen, IJsland, Zweden)
Scandinavië en zijn buurlanden hebben een unieke rijkdom aan natuurschoon. Noorwegen heeft een spectaculair landschap van fjorden aan de kust, terwijl IJsland prachtige vulkanen en geisers te bieden heeft. De vlakten van Denemarken en Zweden en de duizenden meren van Finland zijn ook toeristische trekpleisters. Finland heeft een taal die niet verwant is aan die van de andere Scandinavische landen, maar aan die van de Esten en de Oegrische volkeren in het noorden van Rusland. Finland heeft echter een Zweedstalige minderheid en laat zien dat het al vele eeuwen Scandinavische en andere Europese invloeden ondergaat.

Steden[bewerken]

Europa (Europa)
Amsterdam
Berlijn
Brussel
Istanboel
Londen
Moskou
Parijs
Praag
Rome
Alpen
Camargue
Ibiza
Noordkaap
Plitvicemeren
Santorini
Stonehenge
Etna
Þingvellir
Europese bestemmingen.
  • Amsterdam — de grachten, Anne Frank Huis, Rembrandt, coffeeshops en de wallen
  • Berlijn — door geo-politieke belangen was de stad 45 jaar verdeeld tussen oost en west; nu is het de hoofdstad van het herenigde Duitsland en een internationaal cultureel centrum
  • Brussel — een echte internationale stad met de Europese instellingen, de Grote Markt, Manneken Pis en het Atomium
  • Istanboel — de enige metropool die op twee continenten ligt, een fascinerende 'melting pot' van oost en west
  • Londen — de levendige, multiculturele hoofdstad van het Verenigd Koninkrijk
  • Moskou — de grootste stad van Europa staat bekend om z'n nachtleven en het iconische Kremlin
  • Parijs — de stad van de liefde aan de oevers van de Seine
  • Praag — een magische stad met z'n prachtige bruggen over de Moldau
  • Rome — deze stad ademt historie; elke straathoek heeft cultureel erfgoed dat nóg indrukwekkender is

Andere bestemmingen[bewerken]

  • Alpen — de hoogste bergketen van Europa, het woord alpinisme is hier van afgeleid
  • Etna — de grootste actieve vulkaan van Europa is te vinden op het eiland Sicilië
  • Camargue — natuurgebied in het zuiden van Frankrijk
  • Ibiza — preteiland behorend bij de Balearen, bekend van de grote clubs
  • Noordkaap — het noordelijkste puntje van het Europese vasteland
  • Plitvicemeren — de beroemde turkooise meren met grotten en watervallen
  • Santorini — resten van een bijna 4000 jaar geleden geëxplodeerde vulkaan met Akrotiri, het Pompeii van de Egeïsche Zee
  • Stonehenge — prehistorische steencirkel
  • Þingvellir — natuurgebied rond het breukvlak van de Euraziatische en Noord-Amerikaanse tektonische platen

Info[bewerken]

Wat maakt Europa zo aantrekkelijk? Zijn het de fjorden in Noorwegen, de stranden van Spanje, de architectuur van Sint-Petersburg of de echte gezelligheid van de Lage Landen? Waar je in Europa ook bent, altijd zal je gefascineerd zijn door het prachtige culturele erfgoed dat het continent te bieden heeft. In een tocht door Europa zal je ontdekken dat de regio's van Europa door een tumultueuze geschiedenis met elkaar verbonden zijn, maar juist ook dat er een grote diversiteit aan talen en culturen bestaat op een relatief klein oppervlak.

Europa behoort tot de meest drukbevolkte gebieden ter wereld, en heeft met onder andere Londen, Parijs en Rome unieke wereldsteden die over de hele wereld bekend zijn. Maar ook voor rust en ongereptheid ben je in Europa op de juiste plaats — denk maar aan de leegte van Scandinavië, de uitgestrekte berggebieden in Zwitserland en de kuuroorden in Centraal-Europa. Bovendien zijn al deze gebieden relatief eenvoudig te bezoeken, omdat toeristische voorzieningen in het werelddeel zeer uitgebreid zijn. Europa biedt voor ieder wat wils!

Geschiedenis[bewerken]

Klassieke oudheid[bewerken]

Vaak wordt het Oude Griekenland aangewezen als beginpunt van de moderne Europese geschiedenis — Griekenland wordt dan ook de bakermat van Europa genoemd. Hoewel dit eigenlijk onterecht is, is dit niet verwonderlijk, omdat het culturele erfgoed van de Oude Grieken tot op de dag van vandaag tot de verbeelding spreekt. Tot 1000 v. Chr. werd Griekenland geregeerd door vele verschillende leiders van diverse afkomst. Het gebied groeide uit tot een mengsel van onafhankelijke stadsstaten, waarvan velen kolonies in het Middellandse Zeegebied vestigden. De klassieke Griekse cultuur, die rond Athene wordt gecentreerd, bereikte haar hoogtepunt in de vijfde eeuw v. Chr., alvorens door Philippus II van Macedonië in 338 v. Chr. te worden veroverd.

Onder Philippus had Macedonië diplomatiek en militair gezien de leiding gekregen over Griekenland (definitief na de Slag bij Chaeronea). Toen de dood van Philippus de Grieken ter ore kwam, meenden zij dat onder diens onervaren zoon de Macedonische hegemonie snel zou eindigen, maar na een onverwachte inval van Alexander de Grote (Pella, 26 juli 356 v. Chr. — Babylon, 10 of 13 juni 323 v. Chr.), moesten zij zich toch weer onderwerpen. Hierbij richtte hij in Thebe een bloedbad aan. Daarvoor nog trok hij ten strijde tegen de opstandige gebieden Thracië en Illyrië, in het noorden van Macedonië. Alexander de Grote verenigde de elkaar bevechtende Griekse poleis en veroverde onder meer Perzië en Egypte.

De geschreven geschiedenis van het Romeinse Rijk begint wanneer de Grieken enkele steden stichten in het zuiden van het land. In het noorden heersten de Etrusken en in het zuiden de Grieken, en precies tussen die twee gebieden lag de omstreden provincie Latium, waar de Romeinen woonden. Rome werd de belangrijkste stad van dit gebied en trok steeds meer macht naar zich toe. Nadat de Romeinen eerst de omliggende steden hadden veroverd, versloegen ze de in de 4e eeuw v. Chr. de Etrusken en in de 3e eeuw v. Chr. de Grieken in het zuiden. Zo verkregen zij uiteindelijk het gehele Italiaanse schiereiland en begonnen hun vele expansie-oorlogen.

Het Romeinse Rijk kwam op zijn hoogtepunt onder keizer Trajanus. In de derde en tweede eeuw v. Chr. werden de Punische oorlogen tegen de stad Carthago uitgevochten. Hierbij trok de beroemde Carthaagse generaal Hannibal met zijn leger via Spanje over de Alpen en vocht in geheel Italië voordat hij verjaagd werd. Nadat Carthago in 146 v. Chr. definitief was verslagen, waren de Romeinen de grootste macht in het Middellandse Zeegebied. Veel oorspronkelijk Carthaagse en Griekse kolonies in Afrika, Frankrijk en Spanje behoorden nu tot het Romeinse Rijk. Rond 200 v. Chr. kwam ook Griekenland zelf onder Romeinse heerschappij en daarbij de Griekse kolonies in het oosten, zoals die in Klein-Azië, Syrië, Palestina en Egypte.

Julius Caesar veroverde tussen 60 en 50 v. Chr. heel Gallië, waarna keizer Claudius 100 jaar later Britannia aan het rijk toevoegde. Trajanus was de laatste grote veroveraar. Hij veroverde aan het begin van de tweede eeuw Dacië en grote delen van het Parthische rijk al moest dat gebied al snel weer opgegeven worden. Onder Trajanus bereikte het Romeinse Rijk zijn grootste omvang. Het grondgebied liep nu van Noord-Engeland tot Egypte. Zijn opvolgers consolideerden de grenzen. Alle pogingen om de Germanen te verslaan en hun grondgebied te bezetten mislukten. Een lange periode van relatieve vrede volgde. De Romeinen verspreidden het Latijn en de Romeinse cultuur door de veroverde gebieden. Germaanse stammen werden aan de grenzen toegelaten en mochten in bijvoorbeeld België wonen als ze zich aan de Romeinse regels hielden.

Na enkele eeuwen trad er langzaam maar zeker verval op. Het Romeinse Rijk was het eerste in zijn soort dat een dergelijk enorme oppervlakte had. De komst van het christendom betekende een grote omwenteling voor het Rijk. Aanvankelijk werden de christenen zwaar vervolgd, omdat deze geen goddelijke eer aan de keizers en de Romeinse goden wilden bewijzen. In 313 werd het christendom door Constantijn erkend en in 392 werd het zelfs door Theodosius I tot staatsgodsdienst verheven. Toen braken er voor niet-christenen zware tijden aan. Ook de houding van burgers tegenover het leger maakte een verandering door—christenen vonden het niet wenselijk om in het leger of voor de staat te werken. Het Rijk ging daarom hoe langer hoe meer vertrouwen op vreemdelingen (Germanen) in belangrijke posities in het leger. Dit leidde tot grote politieke complicaties, die in 476 tot de ondergang van het westelijk deel leidde met de val van de laatste hoofdstad Ravenna. Het oostelijk deel, dat we nu het Byzantijnse Rijk noemen, kwam ook dicht bij de ondergang, maar beleefde daarna nog verscheidene bloeiperioden. In de Vroege Middeleeuwen was het steeds een van de belangrijkste spelers op het Europese politieke toneel. Nadat Constantinopel in 1204 geplunderd was door de kruisvaarders, trad ook het verval van dit rijk in. De laatste resten van het Byzantijnse Rijk gingen in 1453 (Constantinopel) en 1461 (Griekenland) ten onder.

De aanwezigheid van de Romeinen in dit grote gebied is niet alleen zichtbaar door een groot aantal monumenten en ruïnes, zoals de Porta Nigra in Trier en de muur van Hadrianus in het Verenigd Koninkrijk, maar ook door beïnvloeding van de talen. Zo zijn Romaanse talen als het Frans, Italiaans en Spaans ontstaan uit de taal die de daar gelegerde Romeinse soldaten en kolonisten spraken. De noordelijke grens van het Romeinse Rijk kun je tot de dag van vandaag volgen, omdat dit nog steeds de taalgrens is tussen de Romaanse talen, die afgeleid zijn van het Latijn, en de Germaanse talen die buiten het rijk gesproken werden. Nog tot voor kort werd het Latijn en het Grieks als internationale taal door de elite gebruikt, waardoor in de wetenschap nog steeds veel vaktermen ontleend zijn aan deze talen. De klassieke oudheid kan dan ook al met al gezien worden als het fundament van de huidige westerse beschaving.

Middeleeuwen[bewerken]

De periode na de ineenstorting van het Romeinse Rijk (circa 330 tot 950) wordt in de huidige Europese geschiedschrijving de vroege middeleeuwen genoemd — soms wordt ook de term donkere middeleeuwen gebruikt voor deze periode, omdat er grote volksverhuizingen plaatsvonden met plunderingen en een sterke afname van de levensstandaard en het bevolkingsaantal. Er is over de toestanden van deze chaotische periode weinig schriftelijke informatie overgeleverd. In eerste instantie nam in de vroege middeleeuwen de geletterdheid af. Aan deze tendens kwam een einde toen het Karolingische rijk ontstond, waarin Karel de Grote scholen oprichtte. Het gebruik van geld valt ook grotendeels weg ten voordele van transacties in natura. Geld wordt wel nog als maatstaf gebruikt.

Het rechtssysteem verwaterde in deze tijd, elke stam had zijn eigen gewoonterecht dat zoveel mogelijk gevolgd werd. De Frankische vorsten reisden met van palts tot palts om de uitvoering van hun wetten te controleren en recht te spreken. Na Karel de Grote veranderde het systeem van Frankische graven in een feodaal systeem. De kerstening van Europa begon, om tegen het einde van de middeleeuwen haar hoogtepunt te bereiken. Verschillende stammen bekeerden zich tot het christendom.

De hoge middeleeuwen (van circa 950 tot 1270) vormen een belangrijke periode in de geschiedenis van West-Europa. In de wetenschap kwam in deze tijd de scholastiek op. In deze periode bereikte het pausdom tevens het hoogtepunt van zijn macht. Er was een lang gevecht gaande om wie er het hoogste gezag in Europa moest krijgen: de Kerk of de Duitse keizer. Dit noemt men de Investituurstrijd. In Duitsland regeerde het Saksische huis met onder anderen Hendrik I, Otto I, en Otto III, later het Frankische huis met onder anderen Hendrik III en Hendrik IV. In Frankrijk was Hugo Capet de stamvader van de Capetingen en alle andere Franse koningen na hem. Engeland werd in 1066 veroverd door Willem de Veroveraar, hertog van Normandië.

Na het jaar 1000 kwam er meer stabiliteit in het middeleeuwse Europa. Aan de invallen van de Vikingen, die lange tijd West-Europa hadden geteisterd, kwam een einde. In Spanje werd de Reconquista ingezet, het terugdringen van de Moren uit Spanje. Door de verbeterende landbouwmethoden begon de bevolking gestaag toe te nemen. Talrijke nieuwe dorpen en steden werden gesticht. De bestaande, meestal door de Romeinen gestichte steden begonnen ook weer te groeien. Eveneens kwam de langeafstandshandel opnieuw op gang. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de reis van Marco Polo naar China. Vooral Noord-Italië, met de Repubbliche Marinare, en het graafschap Vlaanderen, met Brugge als knooppunt van de handel tussen Noord- en Zuid-Europa, groeiden in korte tijd uit tot rijke gebieden. Vanaf 1080 ontstonden de eerste universiteiten en werd vooruitgang gemaakt in kunst en architectuur. In deze periode werden de grote romaanse en later gotische kathedralen gebouwd. Door de toenemende welvaart konden welvarende en machtige steden stadsrechten afdwingen.

De late middeleeuwen (van circa 1270 tot 1500) waren een periode van crisis in Europa. De pest (1347-1352) ofwel zwarte dood zorgde in die tijd voor tientallen miljoenen slachtoffers. Niemand wist wat te doen tegen dit virus, de wetenschappelijke kennis was ontoereikend (als men in die tijd al van wetenschappelijk kennis kon spreken). De verspreiding van het virus ging razendsnel, en heel Europa kwam in de ban van de zwarte dood. Arm en rijk werden getroffen. Er was al transport van mensen door Europa heen. Sommigen ontdekten toevallig methoden om het virus in te duiken: isolatie en er is ook sprake van soortelijke vaccins. Hele gezinnen werden getroffen. Veel huizen, grond, voorzieningen, boerderijen, akkers, ambachtelijke werkplaatsen, nalatenschappen bleven onbeheerd en leeg achter.

Moderne tijd[bewerken]

In 1492 vindt de ontdekking van Amerika plaats door Columbus — al was dit continent eigenlijk al in het jaar 1000 ontdekt door de IJslandse Viking Leif Eriksson. Daarnaast werden steeds meer gebieden in Azië ontdekt. Spanje, Portugal, Frankrijk, Nederland en het Engeland werden zeer bedreven in het koloniseren van de nieuw ontdekte gebieden. Het is in die periode dat Europa de wereldzeeën en oceanen bevaart. De ' Renaissance geldt als een overgangsperiode van de middeleeuwen naar de moderne tijd.

In 1870-1871 vindt de Frans-Duitse Oorlog plaats tussen Frankrijk en een aantal Duitse staten onder leiding van Pruisen. De oorlog zou leiden tot een overwinning van Pruisen en zijn bondgenoten en resulteerde in de oprichting van het Duitse Keizerrijk, waarin de Duitse staten verenigd werden. Met deze oorlog werd de basis gelegd van decennia van spanningen tussen Duitsland en Frankrijk. Deze slechte relaties tussen de Europese landen zouden zich ontwikkelen tot de Eerste Wereldoorlog, toen de Oostenrijkse kroonprins Frans Ferdinand op 28 juni 1914 werd doodgeschoten door een Servische nationalist in Sarajevo. De manier van oorlogsvoering was op veel vlakken nog dezelfde als tijdens de Pruisische oorlogen—de Eerste Wereldoorlog is het meest bekend geworden door de eindeloze loopgravenoorlog in het noorden van Frankrijk en westen van Vlaanderen.

De geallieerden, waar Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Rusland toe behoorden, wonnen de oorlog van Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. Duitsland werd omgevormd tot de democratische Weimarrepubliek, moest grondgebied inleveren en werd door het Verdrag van Versailles verplicht tot het betalen van zware herstelbetalingen. De bepalingen uit het verdrag werden door de Duitsers als vernederend ervaren. De herstelbetalingen leidden in 1923 tot hyperinflatie in de Weimarrepubliek—toch zou de daaropvolgende periode bekend komen te staan als de roaring twenties, waarin vrouwen zich ontdeden van het korset, de haren kortgeknipt werden en de rokjes reikten tot aan de knieën. Aan deze periode kwam in 1929 een einde met de beurskrach van New York, die wereldwijde catastrofale gevolgen had en de Grote Depressie inluidde. Met name Duitsland werd hard geraakt — in de toch al instabiele Weimarrepubliek kwam in 1932 Adolf Hitler aan de macht van de nationaal-socialistische partij. Dit leidde in 1939 tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Europese vlag

Flag of Europe.svg
Een vaak gemaakte vergissing is dat men er vanuit gaat dat het aantal sterren op de Europese vlag staat voor het aantal lidstaten van de Europese Unie. Het aantal sterren staat daar echter geheel los van. De Europese vlag is in 1955 gekozen door de Raad van Europa als symbool voor het gehele continent. Er is gekozen voor twaalf sterren, omdat dit cijfer traditioneel symbool staat voor perfectie, volledigheid en eenheid. Zo vind je het cijfer onder meer in het aantal maanden in een jaar en het aantal uren op een klok. Pas in 1985 werd de vlag door de Europese regeringsleiders benoemd tot officieel embleem van de Europese Gemeenschap, de voorloper van de huidige Europese Unie.

Hoewel de Tweede Wereldoorlog enorme gevolgen had voor Europa, maakte het continent na de oorlog een snelle economische groei door, deels door het Marshallplan. Met de Verenigde Naties, het IMF en de Europese Gemeenschap kwam er een politieke structuur op die tot vandaag de dag actief is. Pas sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog is er sprake van relatieve stabiliteit in Europa.

Dit gold echter alleen voor de westelijke helft van het continent. Sinds het einde van de oorlog was Europa verdeeld in twee militaire blocs. De West-Europese landen werden democratische markteconomieën onder de vlag van de Verenigde Staten en de NAVO, terwijl de Oost-Europese landen communistische éénpartijstaten werden onder de vlag van de Sovjet-Unie en het Warschaupact. Deze scheiding van Europa tussen oost en west wordt het IJzeren Gordijn genoemd, en de stad Berlijn kwam symbool te staan voor deze scheiding door de bouw van de Berlijnse muur in 1961. In 1962 dreigde deze Koude Oorlog met de Cubacrisis uit te lopen tot een wereldwijde atoomoorlog.

In 1968 werd de Brezjnevdoctrine aangenomen, dat inhield dat de Sovjet-Unie het landen niet zou toestaan uit het Warschaupact te treden. Al in 1956 had de Sovjet-Unie ingegrepen tijdens de Hongaarse Opstand, en in 1968 zou het opnieuw ingrijpen om de Praagse Lente in Tsjechoslowakije de kop in te drukken. In de jaren tachtig volgden de protesten van de Poolse vakbondsbeweging Solidariteit. Pas toen de Brezjnevdoctrine in 1988 werd afgeschaft door Sovjetleider Michail Gorbatsjov, kwamen er talloze revoluties op gang met in 1989 de val van de Berlijnse muur en het einde van het Warschaupact. Oost- en West-Duitsland zouden zich in 1990 officieel herenigen. In 1991 viel zelfs de Sovjet-Unie uit elkaar in afzonderlijke republieken.

Niet alleen in het oosten van Europa ontstonden nieuwe landen, maar ook in Joegoslavië verklaarden deelrepublieken zich zelfstandig. Slovenië riep op 25 juni 1991 de onafhankelijkheid uit, en Kroatië volgde een dag later. Dit zeer tegen de zin van de machthebbers in Belgrado. Uiteindelijk zou ook Bosnië-Herzegovina zich onafhankelijk verklaren, een gebied waarin zowel Moslims, etnische Kroaten en etnische Serviërs wonen. Hierdoor ontstonden de oorlogen in Joegoslavië, waarin onder andere de val van Srebrenica plaatsvond, de ergste daad van genocide in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog. Het einde van de oorlog werd vastgelegd in de Daytonakkoorden, maar nog steeds zijn er spanningen in deze regio aanwezig.

Na de Tweede Wereldoorlog hebben een aantal landen in Europa beslist dat een intensievere samenwerking nodig was om toekomstige oorlogen te kunnen voorkomen. Op initiatief van Robert Schuman en Paul-Henri Spaak werd in 1956 de Europese Gemeenschap geïntroduceerd met "de zes": België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg, en Nederland zouden voortaan enkele economische bevoegdheden overdragen aan een supranationale organisatie. De Europese Gemeenschap werd in 1992 opgevolgd door de Europese Unie (EU). De EU is een supranationale en intergouvernementele unie van landen, die momenteel bestaat uit 27 lidstaten. Een aantal belangrijke onderdelen van deze Europese integratie voor reizigers:

  • Door middel van de Verdragen van Schengen is er sprake van vrij verkeer van personen binnen de Europese Unie
  • De euro is het wettelijke betaalmiddel van 17 van de 27 lidstaten van de Europese Unie

Natuur en klimaat[bewerken]

Europa is maar een klein continent, waardoor er ook niet veel noemenswaardige verschillen zijn in de klimaten als in grotere continenten. Wel is Europa erg dichtbevolkt; er leven zelfs meer mensen dan in het driemaal zo grote Afrika. Doordat er zo veel mensen in Europa wonen, is er relatief weinig ruimte voor natuur en dieren. Desondanks leven er in Europa toch een aantal hele indrukwekkende (roof)dieren, zoals wolven, beren en zeearenden.

Arriveren[bewerken]

Paspoort en visum[bewerken]

Schengenzone

De volgende landen behoren tot de Schengenzone: België, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, IJsland, Italië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Zweden en Zwitserland.

De regels voor binnenkomst verschillen per land. Een groot aantal Europese landen behoort tot de Schengenzone. Onderdanen van lidstaten van de Europese Unie of van de EFTA (IJsland, Liechtenstein, Noorwegen, Zwitserland) hoeven alleen een geldig paspoort of identiteitskaart bij zich te dragen voor toegang tot de Schengenzone — zij hebben nooit een visum nodig, hoe lang het bezoek ook duurt. Onderdanen van andere landen moeten een geldig paspoort bij zich dragen, en hebben afhankelijk van de nationaliteit een visum nodig.

Alleen onderdanen van de volgende niet-EU/EFTA-landen hebben geen visum nodig voor toegang tot de Schengenzone: Albanië*, Andorra, Antigua en Barbuda, Argentinië, Australië, Bahama's, Barbados, Bosnië en Herzegovina*, Brazilië, Brunei, Canada, Chili, Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras, Israël, Japan, Kroatië, Macedonië*, Maleisië, Mauritius, Mexico, Monaco, Montenegro*, Nieuw-Zeeland, Nicaragua, Panama, Paraguay, Saint Kitts en Nevis, San Marino, Servië*/**, Seychellen, Singapore, Taiwan*** (Republiek China), Verenigde Staten, Uruguay, Vaticaanstad, Venezuela, Zuid-Korea, alsook personen met een British National (Overseas)-paspoort, een Hongkong-SAR-paspoort of een Macau-SAR-paspoort.

Bezoekers van deze visa-vrije landen mogen niet langer dan 90 dagen blijven in een periode van 180 dagen in de Schengenzone als geheel, en mogen in principe niet werken tijdens de verblijfsduur (al zijn er een aantal Schengenlanden die onderdanen van bepaalde nationaliteiten wel toestaan te werken — zie beneden). De teller begint op het moment dat je een lidstaat van de Schengenzone binnentreedt en verloopt niet als je een bepaald Schengenland verlaat voor een ander Schengenland of vice-versa. Echter, onderdanen van Nieuw-Zeeland mogen wel langer dan 90 dagen blijven indien zij alleen bepaalde Schengenlanden bezoeken - zie [1] voor een uitleg van de Nieuw-Zeelandse regering (in het Engels).

Als een niet-EU/EFTA-onderdaan bent (zelfs van een visa-vrij-land, met uitzondering van Andorra, Monaco of San Marino), zorg er dan voor dat jouw paspoort gestempeld wordt bij het binnentreden en bij het verlaten van de Schengenzone. Zonder stempel bij binnenkomst kan je behandeld worden als hebbende de verblijfsduur overschreden bij vertrek; zonder stempel bij vertrek kan je de toegang tot de Schengenzone de volgende keer ontzegd worden wegens het overschrijden van de verblijfsduur in een vorige reis. Als je geen stempel kan bemachtigen, behoud dan documenten als instapkaarten, transportkaartjes en bonnetjes van geldautomaten, omdat die de grenspolitie kunnen helpen overtuigen dat je legaal in de Schengenzone verbleven bent.

Let op dat:

(*) onderdanen van Albanië, Bosnië en Herzegovina, Macedonië, Montenegro en Servië een biometrisch paspoort nodig hebben om van visa-vrij reizen gebruik te kunnen maken;

(**) onderdanen van Servië met paspoorten uitgegeven door het Serbian Coordination Directorate (bewoners van Kosovo met Servische paspoorten) wel een visum moeten aanvragen;

(***) onderdanen van Taiwan hun ID-nummer vastgelegd moeten hebben in hun paspoort om van visa-vrij reizen gebruik te kunnen maken.


Rondreizen[bewerken]

Er zijn geen grenscontroles tussen landen die de Verdragen van Schengen ondertekend en geïmplementeerd hebben. Het gaat om de lidstaten van de Europese Unie (behalve Bulgarije, Cyprus, Ierland, Roemenië en het Verenigd Koninkrijk), IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland. Daarnaast is een visum dat uitgegeven is voor een lidstaat van de Schengenzone geldig voor alle lidstaten die de verdragen getekend en geïmplementeerd hebben. Maar let op: niet alle EU-lidstaten hebben de Verdragen van Schengen ondertekend, en er bestaan ook lidstaten van de Schengenzone die geen lid zijn van de Europese Unie. Dit betekent dat er mogelijk douanecontroles kunnen plaatsvinden maar geen immigratiecontroles (als je reist binnen Schengen maar van/naar een niet-EU-land) of dat er immigratiecontroles kunnen plaatsvinden maar geen douanecontrole (als je reist binnen de EU maar van/naar een niet-Schengen-land).

Luchthavens in Europa zijn verdeeld tussen "Schengen" en "geen Schengen"-secties, die corresponderen met de "binnenlandse" en "buitenlandse" secties in andere landen. Als je van buiten Europa naar een Schengenland vliegt en dan doorreist naar een ander Schengenland, dan kan je de douane- en immigratiecontroles in het eerste land voltooien en dan direct doorreizen naar het tweede land zonder verdere controles. Reizen tussen een Schengenland en een niet-Schengenland zal resulteren in de gebruikelijke grenscontroles. Denk eraan dat of je nu wel of niet binnen de Schengenzone reist, het bij veel luchtvaartmaatschappijen verplicht is om altijd een paspoort of identiteitskaart te kunnen tonen.

Een voorbeeld van de implicaties die Schengen kan hebben voor de reiziger:

  • Reizen van Duitsland naar Frankrijk (beide EU, beide Schengen): geen controles
  • Reizen van Duitsland naar Zwitserland (beide Schengen, Zwitserland niet in de EU): douanecontroles, maar geen immigratiecontroles
  • Reizen van Frankrijk naar het Verenigd Koninkrijk (beide EU, het Verenigd Koninkrijk niet in Schengen): immigratiecontroles, maar geen douanecontroles
  • Reizen van Zwitserland naar het Verenigd Koninkrijk: immigratiecontroles en douanecontroles

Per vliegtuig[bewerken]

Het volgende lijstje is een onvolledige opsomming van goedkope luchtvaartmaatschappijen die lijndiensten binnen Europa uitvoeren. Daarnaast heeft bijna elk Europees land een of meer nationale luchtvaartmaatschappijen die binnenlandse vluchten en rechtstreekse vluchten naar andere Europese landen uitvoeren. Het onderscheid tussen deze beide categorieën is trouwens steeds meer aan het vervagen nu diverse nationale maatschappijen na een faillissement zijn doorgestart als goedkoop alternatief.

  • Air Berlin
  • Easyjet
  • GermanWings
  • Ryanair
  • Swissair
  • Transavia
  • Tuifly
  • Wizzair

Per trein[bewerken]

Het treinnetwerk van Europa is heel uitgebreid. Er zijn verscheidene hogesnelheidstreinen die de grote steden van Europa met elkaar verbinden tegen een snelheid van 250–300 km/u, dit is de Belgische Thalys (verbind Parijs, Brussel, Keulen en Amsterdam, de Eurostar (tussen Brussel-Zuid en Londen via de kanaaltunnel), de TGV in Frankrijk die ook verbindingen heeft met Zürich in Zwitserland en Milaan in Italië en de Duitse ICE verbindt de grote steden in Duitsland en heeft ook verbindingen met grote steden die liggen in het grensgebied van de buurlanden van Duitsland . Verder zijn er natuurlijk ook de gewone treinen waarmee je gans Europa kan bereiken. Het treinnetwerk van Europa is de verantwoordelijkheid van de landen zelf en is meestal in handen van de overheid. Er bestaan ook private spoorwegmaatschappijen zoals in Groot-Brittannië en Zwitserland. Over de landsgrenzen heen kun je reizen dankzij de samenwerkingsverbanden tussen de verschillende spoorwegmaatschappijen maar je kunt niet spreken van een uniform Europees spoorwegnet. Vele landen van Europa hebben verschillende technologieën (4 verschillende stroomspanningen, onderling verschillend in België, Frankrijk, Duitsland,... en andere spoorwegbreedte in Rusland, Spanje en Portugal), daarvoor worden dan speciale treinstellen ontwikkeld die kunnen rijden in meerdere landen.

Een goede reisplanner is te vinden op de site van de Deutsche Bahn (http://www.bahn.com/i/view/NLD/nl/index.shtml) en de Oostenrijkse Spoorwegen (http://www.oebb.at/)

InterRail Pass[bewerken]

Met een InterRail pass reis je gedurende 16 of 22 dagen of een hele maand vrij rond in een selectie uit 28 Europese landen, plus Turkije. Deze landen worden onderverdeeld in 8 zones, die je onderling kan combineren. De prijs van je InterRail pass hangt af van het aantal zones dat je kiest, maar ook van je leeftijd (jonger of ouder dan 26).

Je hebt de keuze tussen:

InterRail Pass tarieven
Aantal zones Geldigheidsduur Interrail -26 InterRail 26+ InterRail -12
1 zone 16 dagen 195,00 € 286,00 € 143,00 €
2 zones 22 dagen 275,00 € 396,00 € 198,00 €
alle zones 1 maand 385,00 € 546,00 € 273,00 €
InterRail Pass Zones
Zones Landen
Zone A Groot-Brittannië, Ierland
Zone B Finland, Noorwegen, Zweden
Zone C Denemarken, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland
Zone D Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Kroatië, Bosnië en Herzegovina
Zone E België, Frankrijk, Luxemburg,Nederland
Zone F Marokko,Portugal,Spanje
Zone G Griekenland, Italië, Slovenië, Turkije en de scheepvaartlijnen

Italië-Griekenland: Ancona/Bari - Igoumenitsa/Patras

Zone H Bulgarije, Roemenië, Servië, Macedonië

Meer informatie op nmbs; NB: als je met hogesnelheidstreinen wil reizen of met nachttreinen moet je een toeslag betalen. Voor meer informatie vanuit Nederland zie de home page van NS Hispeed.

Balkan Flexi Pass[bewerken]

Voor reizigers geïnteresseerd in Zuidoost-Europa is de Balkan Flexpipass eventueel een uitkomst: Onbeperkt treinreizen voor 5, 10 of 15 dagen in een maand door Bulgarije, Griekenland, Macedonië, Montenegro, Servië, Roemenië en Turkije. Je kan de Flexipass op stations in die landen kopen; of veel duurder, op het web.

Valkuil is dat veel treinen in de regio al goedkoop zijn en dat de Balkan Flexpiass alleen rendabel is als je langere treinreizen maakt.

Per bus[bewerken]

Zie ook de pagina Busreizen in Europa voor meer info.

Met de busmaatschappij Eurolines kan je bijna alle landen van Europa bereiken en een deel van Marokko doorreizen. Eurolines is een in België gebaseerde overkoepelende maatschappij die samenwerkt met vele andere busmaatschappijen.

Als je voor langere tijd wil reizen door Europa kan je een Eurolines pas kopen, de prijs is afhankelijk dat je kiest voor 15 dagen of 1 maand en van het seizoen en van je leeftijd. Daarmee kan je ongelimiteerd reizen tussen 40 verschillende grote steden die Eurolines bedient.

Eurolines is waarschijnlijk de goedkoopste manier om doorheen Europa te reizen, je hebt op sommige bestemmingen echt bodemprijzen zoals bijvoorbeeld Brussel-Bratislava voor 28 euro heen en terug indien je lang genoeg op voorhand reserveert. Het feit dat je een lange busreis moet maken kan het reizen wel vermoeiend maken. Sommige mensen die vliegangst hebben brengen tientallen uren door in de bus om bijvoorbeeld te reizen van Londen naar Praag.

Eurolines Pas Tarieven
duur seizoen jongeren volwassenen
15 dagen laag € 169 € 199
15 dagen mid € 199 € 229
15 dagen hoog € 279 € 329
30 dagen laag € 229 € 299
30 dagen mid € 259 € 319
30 dagen hoog € 359 € 439

voor meer info : Eurolines Pass

Vervoer met de touringcar is relatief erg veilig, zo veilig dat het CBS er voor Nederland geen aparte statistieken over bijhoudt. In Nederland vielen in 2009 720 dodelijke slachtoffers in het verkeer, waarvan 7 in de categorie overig, waar touringcars toe worden gerekend.

Per auto[bewerken]

Europa heeft een uitstekend wegennet. Van de Noordkaap tot Gibraltar of van Turkije tot Groot-Brittannië: alles kan je bereiken. In Duitsland mag je zelfs op veel autosnelwegen zo snel rijden als je wilt (op eigen verantwoordelijkheid). De Europese regelgeving voor het verkeer wordt meer een meer geharmoniseerd maar let op voor verschillen van land tot land! In Groot-Brittannië en op Cyprus en Malta rijdt men links! De maximumsnelheid op de autosnelweg bedraagt in de meeste landen 120 km/u of 130 km/u. De toltarieven van Europa kan je raadplegen op de uitstekende website van de anwb

Per boot[bewerken]

Er zijn verschillende rivieren die goed begaanbaar zijn per boot. De Donau, Maas, Rhône en Rijn zijn een paar voorbeelden hiervan.

Verder is Europa in het noorden, westen en zuiden door zee begrensd en is het daardoor mogelijk om vanaf Helsinki aan de Oostzee, via de Noordzee, het Kanaal, de Atlantische Oceaan, de Straat van Gibraltar, en de Middellandse Zee naar de Bosporus bij Istanbul te varen. Verschillende delen van deze tocht, en ook andere trajecten, worden ook door reguliere ferry's bevaren.

In een aantal landen zijn ook heel veel kanalen. Met name Frankrijk heeft duizenden kilometers kanalen welke zijn aangelegd tussen de grote rivieren. Met name tussen de gebieden waar van oudsher delfstoffen werden gewonnen naar gebieden met veel industrie. Voordat de delfstoffen werden ontdekt vond er al veel vervoer van hout( boomstammen) en landbouwproducten plaats van diverse gebieden , zoals bijvoorbeeld de Bourgogne naar Parijs en omstreken.

Ook vind je aansluitende kanalen tussen de Middellandse Zee en de Golf van Biscaye, zoals Canal du Midi en verder.

Taal[bewerken]

In Europa worden meer dan 70 talen gesproken. Met één taal kom je in Europa niet ver. De meest gangbare taal is Engels. Op de Britse Eilanden is dit de standaardtaal, maar in vooral Scandinavië zijn veel mensen hier ook vaardig in, terwijl in het zuiden en oosten van Europa deze taal juist niet gangbaar is. Het Frans en Duits worden ook in veel Europese landen verstaan. In het oosten beheersen veel mensen, vooral ouderen, Russisch.

Bekijken[bewerken]

Doen[bewerken]

Kopen[bewerken]

Binnen de Europese Unie is de euro de primaire valuta. De euro is opgezet in 1999 en is in 2002 geïntroduceerd om het omzetten van geld overbodig te maken.

De euro is niet overal in Europa te gebruiken. Landen die hun nationale valuta vervangen hebben voor de euro, worden de Eurozone genoemd. Alle landen binnen de EU (behalve het Verenigd Koninkrijk en Denemarken) moeten volgens de wet eventueel de euro als munteenheid aannemen.

Eten[bewerken]

Er zijn verschillende soorten keukens in Europa. Met name de Franse, Italiaanse en Griekse keuken zijn populair bij de Europese Bevolking.

Uitgaan[bewerken]

Uitgaan in Europa is mogelijk in meerdere landen. Enkele trekpleisters voor Nederlanders zijn Lloret de Mar, Salou, Chersonissos en Blanes bijvoorbeeld. Voor families met kinderen is kamperen in Duitsland of Frankrijk erg populair. Engelse toeristen gaan graag naar Rhodos en Ibiza. Ook zijn bij de Engelse cruise-tours erg in trek.

Overnachten[bewerken]

Veiligheid[bewerken]

In bijna heel Europa kan er gebeld worden naar het alarmnummer 112 in geval van nood.

In Macedonië bel je 5555 bij calamiteiten, terwijl in Moldavië verschillende nummers voor de verschillende diensten gelden. De brandweer roep je daar op door 789 te draaien, de politie heeft als nummer 0101, de ambulance 4321.

Gezondheid[bewerken]

Het sanitaire niveau kan binnen Europa enorm verschillen. Waar je in het noordwesten uit de kraan kan drinken, worden hygiënische regels in het zuidoosten vaak niet nageleefd of zijn de regels vaker gebrekkig. Toch is ook in het zuidoosten de hygiëne vaak beter dan op vele andere plaatsen in de wereld. Malaria komt niet op grote schaal in Europa voor. Wel worden er voor Turkije vaccinaties geadviseerd, zoals tegen Hepatitis A. Ook kan er reizigersdiarree optreden in Zuid- en Oost-Europa, hoewel dat alleen geldt voor reizigers uit ontwikkelde landen.

Contact[bewerken]

Dit is een bruikbaar artikel. Het bevat informatie over hoe er te arriveren, en over de belangrijkste attracties, uitgaansgelegenheden en hotels. Een avontuurlijk persoon zou dit artikel kunnen gebruiken, maar duik erin en breid het uit!


Landen in Europa
Balkan: Albanië · Bosnië-Herzegovina · Bulgarije · Kosovo · Kroatië · Macedonië · Montenegro · Roemenië · Slovenië · Servië
Baltische staten: Estland · Letland · Litouwen
Benelux: België · Luxemburg · Nederland
Britse Eilanden: Ierland · Verenigd Koninkrijk
Centraal-Europa: Duitsland · Hongarije · Liechtenstein · Oostenrijk · Polen · Slovenië · Slowakije · Tsjechië · Zwitserland
Frankrijk en Monaco: Frankrijk · Monaco
Iberisch Schiereiland: Andorra · Gibraltar · Portugal · Spanje
Italiaans Schiereiland: Italië · Malta · San Marino · Vaticaanstad
Kaukasus: Armenië · Azerbeidzjan · Georgië
Oost Middellandse Zee: Cyprus · Griekenland · Turkije
Oost-Europa: Kazachstan · Moldavië · Oekraïne · Rusland · Wit-Rusland
Scandinavië: Denemarken · Finland · Noorwegen · IJsland · Zweden
Bestemmingen
Continenten: Afrika · Azië · Europa · Noord-Amerika · Oceanië · Zuid-Amerika
Oceanen: Atlantische Oceaan · Grote Oceaan · Indische Oceaan · Noordelijke IJszee · Zuidelijke Oceaan
Poolgebieden: Antarctica · Noordpoolgebied
Zie ook: Ruimte